kerk lobith

De eerste steen werd gelegd op 7 juli 1660 door rechter Reinhardt Muller en dominee Armiger. Iets meer dan een jaar later op 9 augustus 1661, hield ds. Armiger de inwijdingsrede.

De Huissense klokkengieter Peter IV van Trier leverde nog hetzelfde jaar een klok van 504 pond en één van 332 pond om ze in het houten daktrorentje te hangen. De klokken waren voorzien van de inscriptie: ‘Peter van Trier heft mi gegoten voor die van Lobith Anno 1661’. In de kerk bevindt zich ook een zeer zeldzaam twee-klaviers kabinetorgel in ca. 1790 gemaakt door H.H. Hess.

IN 1887 was dominee Van Veen de hoofdrolspeler in de zogenaamde ‘kerkhofkwestie’ te Lobith. Beweerd werd dat de beide kerkhoven in de kom van het dorp, die regelmatig bij hoog water onder water kwamen te staan, zeer schadelijk zouden zijn voor de volksgezondheid door het verontreinigen van het drinkwater. Dominee Van Veen, van wie in 1886 eerst zijn dienstmeid en kort daarop ook zijn zoon Jan getroffen werd door tyfus diende op 18 december 1885 een rekest in bij de gemeente om in eder geval het protestantse kerkhof dat op een tiental meters van zijn pastorie af lag te sluiten. Volgens hem hadden beiden vele gedronken van het gebruikte putwater, dat verontreinigd werd door de ontbinding der lijken op het kerkhof. Hij verwees hierbij naar de eerdere tyfus gevallen in de pastorie en bij de buren, de gezusters Colenbrander. Maar zijn beweringen werden bestreden door het gemeentebestuur, dat niet van zins was om grote kosten te maken voor inrichting van een nieuw kerkhof elders. Het gemeentebestuur ontkende elke relatie tussen het kerkhof en de gevallen van tyfus die er waren geweest. Op 9 april 1886 wendde dominee Van Veen zich tot de minister van Binnnlandse Zaken om het kerkhof gesloten te krijgen.

In de maanden juli en augustus is de kerk elke zaterdag middag open voor bezichtiging, tijdstip van 13.00 -16.00 uur. Buiten deze tijden kan er contact opgenomen worden met Roel Breure, telefoon 0316-542818